Waarom STNu!
De STNu! is opgericht om de nadelige gevolgen van de de Wet op de Orgaandonatie (WOD) te repareren.
Het doel is het doen toenemen van het aantal orgaan- en weefseltransplantaties en daarmee het afnemen van de wachttijden voor orgaantransplantatie.
In 1998 is de WOD ingevoerd, mede om de toen al lange wachttijden voor transplantatie te verkorten. Sinds die tijd is de situatie alleen maar verslechterd. Het aantal beschikbare donororganen is dramatisch gedaald.
Iemand die een donornier nodig heeft, moet daar gemiddeld vier jaar op wachten. Er staan ongeveer 1400 mensen op de wachtlijst voor een donornier en daarvan overlijden er jaarlijks naar schatting tussen de 200 en 250. De wachttijden voor long-, lever- of harttransplantaties zijn veel korter. Niet omdat hier geen schaarste is, maar veel van deze mensen sterven omdat er niet op tijd een orgaan voor hen beschikbaar is.
Na invoering van de WOD vonden de drie meest betrokken patiëntenorganisaties (Nierpatiënten Vereniging Nederland (NVN), Nederlandse Leverpatiëntenvereniging (NLV) en Vereniging Harten Twee) dat het zo niet langer kon. Onder het motto 'meer transplantaties, en wel nu!' hebben ze hun krachten gebundeld en de STNu! opgericht. Eind 2001 sloot de Nederlandse Cystic Fibrosis Stichting (NCFS) zich ook bij de stichting aan. In mei 2003 volgde de Belangenvereniging Longfibrosepatiënten Nederland. In mei 2007 diende de zesde vereniging zich aan: de Federatie van Astma en COPD patiënten en aanverwante aandoeningen.
In 2009 is de samenstelling van de STNu! opnieuw gewijzigd: om uiteenlopende redenen maken de NCFS en de FAC geen deel meer uit van de stichting.
Volgens de STNu! is er maar één manier om het donortekort op te lossen: vergroting van het donoraanbod en zorgen dat beschikbare organen van donoren niet verloren gaan.
De STNu! is in principe voor een geen-bezwaarsysteem maar vindt een Actief Donorregistratiesysteem een goed alternatief. In het ADR wordt iedere Nederlander verplicht zich te laten registeren. Nederlanders worden daarvan op de hoogte gesteld en gevraagd binnen een vastgestelde termijn aan te geven welke keuze zij wensen te maken. Reageren ze niet, dan worden ze in het systeem ingeschreven als potentiële donor en ontvangen hiervan een bevestiging. Artsen kunnen dus altijd zien hoe iemand geregistreerd staat.







