Per 1 januari 2012 wordt deze website niet meer actief bijgehouden. Lees waarom »

‘WIR SETZEN UNS MIT TRÄNEN NIEDER’

De vestingstad Naarden noemt zichzelf de parel van het Gooi en is een oase van rust in de drukke Randstad. Eens was deze stad een moderne militaire post om de toegang tot het rijke gewest Holland en de koopmansstad Amsterdam tegen de vijand te verdedigen. De weg waarlangs je het oude centrum nadert voert langs stoere wallen die het water rondom de vesting onderverdelen in vierkante vormen. Robuuste kazernes liggen her en der als bouwstenen uit een enorme blokkendoos verspreid. Ondergrondse kazematten vertellen nog steeds hun verhaal over verdediging en strijd. Het oude stadshart wordt gevormd door schilderachtige straatjes met wonderlijke winkeltjes en luisterrijk gerenoveerde huizen en het silhouet van de oude binnenstad wordt beheerst door de toren van de Grote Kerk. De ‘grotestadskerk’ werd oorspronkelijk vernoemd naar Sint Vitus, beschermheilige van dansers, zangers en epileptici, en schutspatroon van Het Gooi. Op het kerkplein treft de willekeurige toerist zelden iemand aan die met ziekelijke drang tot dansen een sint-vitusdansje vertoont. Wel staat er, diep in gepeins verzonken, het beeld van de middeleeuwer Comenius, oorspronkelijk afkomstig uit Oost-Moravië, een groot geleerde die theologie en filosofie studeerde in Heidelberg en na een zwervend bestaan vanwege godsdiensttwisten in 1656 asiel kreeg in Amsterdam op voorspraak van zijn vriend Louis de Geer. Het huis van deze industrieel bleek een gastvrij ontmoetingspunt voor vrijdenkers die in het tolerante Amsterdam een veilige haven vonden. Comenius werd begraven in Naarden, waar in het begin van de 20ste eeuw in de voormalige Waalse Kapel een indrukwekkend Mausoleum voor hem werd ingericht.

Vandaag zal hier, op 21 oktober 2011 en op een steenworp afstand van de in brons gegoten vrijdenker, het Nationaal Donor Monument worden onthuld.
De fraai gerestaureerde Gotische kerk wordt gekenmerkt door haar hoge spitse bogen. Ooit heeft ook hier de beeldenstorm gewoed en nu zijn de muren kaal, strak gepleisterd en wit geschilderd. Door naar de hemel reikende glas-in-lood ramen valt zonlicht naar binnen en danst over de hoofden van honderden gasten. Grote koperen kroonluchters hangen met zware kettingen aan het plafond waarop in tinten oker, donkerrood, wit en zwart fraaie Bijbelse taferelen zijn geschilderd.
Om mij heen vertellen mensen elkaar wat hen hier brengt, de een heeft een nieuw hart gekregen, anderen een nier, of een lever of twee longen. Naast mij zit een vrouw die me toefluistert dat haar gestorven man als donor vijf mensen een nieuw leven heeft geschonken. Dwars door het geroezemoes meen ik even het stemmen van instrumenten te horen. Ook klinken in mijn hoofd flarden uit het slotkoor van Bach ’s immens populaire Mattheus Passie.
De bijeenkomst gaat van start in aanwezigheid van onder meer de burgemeester van Naarden en Erica Terpstra. Een nog jonge vrouw spreekt vol trots over haar overleden echtgenoot die donor was, een man uit zijn dankbaarheid jegens een levensreddende donatie, een klein koor zingt enkele liederen.
‘Het monument dat we vandaag onthullen brengt het onderwerp orgaandonatie op een positieve manier onder de aandacht door te laten zien dat Nederland blij mag zijn met degenen die wél kiezen om hun organen af te staan. Het monument draagt, als nationaal symbool van orgaandonatie, bij om degenen die nog geen orgaandonor zijn te stimuleren het te worden,’ aldus de initiatiefnemer.
Na een uurtje wandelt het gezelschap naar buiten en koestert zich in het laat zomerse zonlicht. Mevrouw Terpstra gebruikt haar bekende opgewekte woorden en leest van een papiertje haar meest favoriete gedicht voor. Vervolgens loopt Joyce Sylvester, burgemeester van Naarden, naar de microfoon. Haar ouders, zal ze me na afloop vertellen, kwamen al jong vanuit Suriname naar Nederland. Door hen werd ze opgevoed met het idee van verbondenheid en verdraagzaamheid. En of ze nu een monument onthult inzake Artikel 1 van de Grondwet of  dit beeld – de Klim geheten – steeds weer hamert ze op deze begrippen. Het is niet voor niets dat ze in haar toespraak Comenius, waar Naarden nauwe banden mee heeft, aanhaalt:

Beste mensen,

We hebben net in de Grote Kerk kunnen luisteren naar indrukwekkende verhalen over orgaandonatie. Het is een onderwerp dat ons ten diepste raakt. Dat is niet vreemd, want het gaat hierbij om een heel bijzondere paradox van het menselijk bestaan: namelijk om de verwevenheid van geven en ontvangen, de verwevenheid van dood en leven, de verwevenheid van eindigheid en toekomst.
Het monument dat wij vanmiddag gaan onthullen staat symbool voor die verwevenheid. Zowel de ontvangers als de nabestaanden van de donoren, kunnen bij dit monument stil staan en vorm geven aan hun gevoelens. Die gevoelens kunnen heel uiteenlopend zijn: van verdriet tot geluk. Maar er is ook een gemeenschappelijke noemer. Die gemeenschappelijke noemer bestaat in de kern uit twee elementen: enerzijds dankbaarheid en anderzijds het besef dat wij elkaar nodig hebben om de zinvolheid van het leven te ervaren.
De wens van de initiatiefnemers om het monument in Naarden te plaatsen, hier bij de Grote Kerk, lag voor de hand.  In de Grote Kerk vindt immers ook de tweejaarlijkse Transplant-Eren Dag plaats. Maar ook om een andere reden is dit een zeer geschikte plek. Ik wil dat graag toelichten.
Het ter beschikking stellen van organen draagt bij aan zingeving. Maar dat neemt niet weg dat er wel moed en inlevingsvermogen voor nodig zijn. Moed en inlevingsvermogen, niet alleen bij de donoren, maar ook bij hun nabestaanden. Want zij worden rond het overlijden van iemand die hen heel dierbaar is, geconfronteerd met consequenties die het afscheidsritueel kunnen beïnvloeden. Zowel van donoren als van hun nabestaanden wordt gevraagd om over de grenzen van het eigen leven heen te kijken en het eigen leven te zien in het perspectief van de gehele mensheid. Een man die bij uitstek die visie op het leven vertegenwoordigt is de grote Tsjechische pedagoog en filosoof Jan Amos Comenius. Hij moest op de vlucht vanwege zijn godsdienst, maar heeft zijn leven lang in woord en daad gepleit voor verdraagzaamheid en voor de verbondenheid van alle mensen, ongeacht hun geloof, ongeacht hun afkomst, ongeacht hun leeftijd of wat dan ook. Comenius vond in Naarden zijn laatste rustplaats. Hij is nog altijd een belangrijke inspiratiebron. Zijn standbeeld staat hier om de hoek, op nog geen vijftig meter van deze plek.
Met het oog op de komst van het monument hebben we dit deel van het kerkplein opnieuw ingericht. Het verheugt mij om u te kunnen vertellen dat wij over de nieuwe inrichting veel enthousiaste reacties van inwoners hebben ontvangen. Het monument krijgt de plek die het verdient. Ik ben ervan overtuigd dat het monument op zijn beurt zal bijdragen aan de positieve  uitstraling van het plein.
Wij zijn er allen trots op dat onze stad plaats mag bieden aan een nationaal monument dat aan velen hoop en troost zal bieden.

Samen met de immer goedlachse Terpstra slaat ze vervolgens op een grote rode knop. Vanaf een stellage in het gras voor ons valt vertraagd een groot wit zeildoek naar beneden. Levensgroot staat daar de Klim, ontworpen door Egbert Hermsen en gemaakt door de kunstenaar Ben Overkamp. Een bronzen mannelijk naakt richt zich op en klimt op een traptree. Het fonkelnieuwe beeld staat symbool voor een getransplanteerde die dankzij zijn donor naar een nieuw leven klimt en een nabestaande die uit een dal van verdriet klimt doordat de overleden dierbare in iemand anders voortleeft.
Een zwerm ballonnen zweeft omhoog en reist de strakblauwe hemel tegemoet.
Tv-camera’s zoemen, fototoestellen knippen, mensen applaudiseren.
Binnen worden drankjes en verrukkelijke bonbons gepresenteerd.
Ik blijf nog even staan, staar naar het bronzen beeld, denk aan mijn donor, en hoor een onzichtbaar koor zingen:

Wir setzen uns mit Tränen nieder
Und rufen dir im Grabe zu:
Ruhe sanfte, sanfte ruh!
Ruht, ihr ausgesogenen Glieder!

 

  • Facebook
  • Plaats op Twitter!
  • Hyves
  • Doorsturen via e-mail
Een reactie plaatsen bij dit artikel is helaas niet (meer) mogelijk